Maltezer honingbij

De Maltezer honingbij (Apis mellifera ruttneri) is een ondersoort endemisch voor Malta. De
ondersoort is in 1997 erkent en vernoemd naar Friedrich Ruttner als eer aan al het werk dat hij
heeft gedaan voor de ondersoorten van de Westerse honingbij (Apis mellifera). De Maltezer honingbij, verder aangeduid als Ruttneri, is via mtDNA erkent als behorende tot de Afrikaanse
groep bijen. De Ruttneri is terecht gekomen op Malta toen de Middellandse zee deels droog lag
vanaf Marokko tot en met Sicilië. Toen het water begon te stijgen ontwikkelde de Ruttneri zich
tot een eigen ondersoort. De Ruttneri heeft daarmee dezelfde voorouders als de Siciliaanse
honingbij (Apis mellifera siciliana) en de Noord-Afrikaanse bij (Apis mellifera intermissa).
De naam Malta komt van Zoete honing wat de Grieken het eiland gaven. Bij de Grieken was de
honing van Malta en de Ruttneri al bekend en gewaardeerd. Er zijn zo’n 3000-4000 volken
aanwezig op Malta, van meerdere ondersoorten.

Eigenschappen:
De Ruttneri is zeer goed aangepast aan de lokale en harde omstandigheden van Malta. Ze is
zeer defensief, wat het gebruik van uitheemse honingbijen als Italiaanse bij (Apis mellifera
ligustica) en de Buckfastbij (Een bij van meerdere ondersoorten) populair maakt, samen met de
hogere honingopbrengst en vermoedelijk lagere zwermdrift, deze import gebeurt al decennia.
Vooral hybriden worden zeer defensief. Ze zwermt sterk, in het voorjaar maken ze tot minstens
80 zwermcellen aan en in het najaar worden koninginnen stil gewisseld, ook jonge gezonde en
vruchtbare koninginnen. Tijdens droogte komt ook absconding voor. Ze worden defensiever
tijden slechte dracht. Ze vliegen nog met harde wind of bij 40 graden Celsius. Overdag bij hoge
temperaturen vliegen ze minder dan in de ochtend en namiddag. Ze broedt het hele jaar door
rond. Ze verdedigt zich sterk tegen wespen. Ze heeft korte poten, smalle en puntige vleugels en
een donker breed achterlijf, breder dan de Zwarte bij (Apis mellifera mellifera) en met lange
haren. Door observaties van imkers blijkt dat ze de kast zeer goed schoonhouden. Er wordt
gesproken dat er varroa-resistentie aanwezig is. Er wordt veel gesproken over varroa-
resistentie, maar verder niet hoe of wat. [1] [2] [5]
Er zijn drie drachtperiodes waar honing geoogst kan worden, voorjaar, multi floraal gedurende
de maand mei. In de zomer bestaande uit voornamelijk tijm, vanaf eind mei tot en met begin
juli, deze honing was al beroemd bij de Grieken. En het najaar vanaf augustus tot en met
november eucalyptus gevolgd door johannesbroodboom. [6]
Projecten ter behoud van de Ruttneri
Toen in 1992 de Varroamijt (Varroa destructor) op het eiland terecht kwam stierven de
bijenvolken massaal. Om de verliezen te compenseer werden bijenvolken van buiten Malta
geïmporteerd, o.a. Ligustica. In 1997 werd de Ruttneri pas als eigen ondersoort erkent.

Er loopt een project ter behoud van de Ruttneri. De doelstellingen zijn of worden in de volgende
stappen uitgevoerd:
1. 40 volken zijn gecontroleerd op zuiverheid via morfologie en DNA
2. Een minimum aan 10 volken (zuiver morfologisch en via DNA) zijn verplaatst naar de
universiteit voor het telen van koninginnen.
3. Het kweken van zuivere moeren met 5000 werksters en het verdelen van zulke volken aan
geïnteresseerde imkers.
Het project is gestart met 40 volken van imkers die hebben geweigerd vreemde volken en
koninginnen te importeren.
De onderzoekers voor dit project zijn prof. David Mifsud de hoofdprojectleider en Dr Marion
Zammit Mangiom van de Earth Systems. [3]
In een onderzoek van Marion Zammit en David Mifsud wordt gesproken over de bemonstering
van 52 volken, 37 volken werden van Malta van 16 verschillende bijenstanden en 15 volken van
7 verschillende standen van Gozo. [4] De meest recente grote import van uitheemse bijenvolken
vond plaats in 2015 op Gozo voor de teelt van koninginnen. Alle verzamelde monsters zijn
afkomstig van volken van imkers die geen vreemde bijenvolken of koninginnen hebben
geïmporteerd. 7-10 bijen per volk werden bewaard in ethanol bij +4 graden Celsius tot aan het
onderzoek. 332 werksters van 37 volken werden onderzocht op 37 van de 42 beschreven
kenmerken door Ruttner. In 1997 zijn de door Universiteit van Oberursel de bijen onderzocht en
vergeleken met, Sicula, Intermissa, Adama, Carnica en Ligustica. Onbekende uitslagen werden
aangemerkt als: onbekend. [5]
Van 52 volken beschreven als Ruttneri qua morfologie werd mtDNA onderzocht, van ieder volk
1 werkster. [4]. De nieuwe data werd vergeleken met de eerder verzamelde data. Deze volken
werden vergeleken met Sicula, Intermissa, Sahariensis en Ligustica. Geen van de volken
vertoonde overeenkomsten met Ligustica. 32 samples toonde Ruttneri aan (p > 0.99). De over
gebleven 3 samples toonden Ruttneri in mindere mate aan, met affiniteit tot Sicula. Geen van
de volken toonde gelijkenis met Ligustica of hybride. Bijna alle mtDNA toonde groep A aan,
twee groep C en 1 groep M. Geen enkel volk had in vergelijking met Ligustica of de Carnica die
morfologisch meer lijkt op Ruttneri.
Er is een verenging ter behoud van de Ruttneri, maar deze website is niet meer online. Ook
heeft Smartbees onderzoek gedaan naar de Ruttneri.[7]

[1] https://www.guidememalta.com/en/the-sweet-land-of-honey-meet-the-maltese-honey-bee
[2] https://www.nordbiene.de/die-biene-von-malta-apis-mellifera-ruttneri/
[3] https://researchtrustmalta.eu/research-projects/the-endemic-honey-bee/
[4]
https://www.um.edu.mt/library/oar/bitstream/123456789/22852/5/Thorough%20morphologic
al%20and%20genetic%20evidence%20confirm%20the%20existence%20of%20the%20endemic%
20honey%20bee%20of%20the%20Maltese%20Islands%20Apis%20mellifera%20ruttneri.pdf
[5] https://www.apidologie.org/articles/apido/pdf/1997/04/Apidologie_0044-
8435_1997_28_5_ART0005.pdf
[6]
https://books.google.nl/books?id=T_iODwAAQBAJ&pg=PA173&lpg=PA173&dq=maltese+bees&
source=bl&ots=jkS7mZ3EiK&sig=ACfU3U0i58ueLn5OFFzcppI87zKbf1pPEg&hl=nl&sa=X&ved=2ah
UKEwjxxPuSjI3mAhVHJlAKHSUlCRE4FBDoATACegQICBAE#v=onepage&q=maltese%20bees&f=fal
se
[7] http://www.smartbees-fp7.eu/Extensions/newsletter-5/